Onderzoek

Op 7 december 2010 was de documentaire te zien van Labyrint over het rustbrein en mindfulness. Deze uitzending heeft veel reacties opgeleverd. Heeft u de uitzending gemist? Klik dan op onderstaande link om de documentaire te bekijken: "Het geheime leven van het brein".

Deze link laat een kort en duidelijk filmpje zien over de gevolgen van stress en de toepassing van mindfulness. Prachtig uiteengezet wat mindfulness kan betekenen binnen onze werksituaties.

Het effect van mindfulness is de afgelopen 25 jaar veelvuldig wetenschappelijk onderzocht. Inmiddels zijn er honderden studies gepubliceerd over de effecten van mindfulness. Hieronder wordt een verkorte samenvatting gegeven van het onderzoek naar de effectiviteit van Mindfulness, juni 2010, door Rachel van der Meulen* en Rob Brandsma**.

Stress en kwaliteit van leven
In een meta-analyse van Chiesa en Seretti (2009) wordt het effect van mindfulness bij gezonde individuen onderzocht. Uit dit onderzoek kan men concluderen dat mindfulness de kwaliteit van leven kan verbeteren. Zo bewees mindfulness, effectief te zijn in het verminderen van stress, piekeren en angst en het vergroten van empathie en zelfcompassie. Speca en collega's (2000) lieten een positief verband zien tussen intensiviteit van de mindfulnesstherapie en afname in de hoeveelheid stresssymptomen. Irving, Dobkin en Park (2009) stelden een overzichtsstudie op over het effect van mindfulness op het vergroten van het welzijn van en omgaan met stress bij professionals, die werkzaam zijn in de zorgsector. Zij signaleerden lagere stressniveaus en een vermindering van burnout symptomen na het volgend van een mindfulnesstherapie.

Werk
De onderzoekers Klatt, Buckworth & Malarkey (2008) voerden een gerandomiseerd en gecontroleerd onderzoek uit om de effectiviteit te onderzoeken van een niet intensieve mindfulness, gegeven aan gezonde volwassenen op een werksetting. Werknemers lieten na het volgen van mindfulness hogere niveaus van mindfulnessvaardigheden zien en significante verminderingen in waargenomen stress in vergelijking met de controle groep.

Opvoeding en gezin
Mindfulness wordt tegenwoordig steeds vaker ingezet als hulpmiddel bij het ouderschap. Een onderzoek van Bögels en collega's (2010) liet zien dat na een mindfulness-ouder-therapie, kinderen minder internaliserende en externaliserende problemen hadden. Verder ervaarden de ouders significant minder opvoedingsstress, hadden zij minder last van psychopathologische klachten en verbeterden zij zowel hun opvoedingsstijl als hun co-opvoeding.

Hoewel het effect van mindfulness op kinderen minder uitgebreid is onderzocht, dan het effect op volwassenen, hebben verschillende onderzoeken veelbelovende effecten laten zien van mindfulnesstherapie uitgevoerd bij kinderen. Bögels, Hoogstad, van Dun, de Schutter & Restifo (2008) hebben een onderzoek uitgevoerd naar het effect van mindfulness op kinderen met externaliserende stoornissen. De kinderen lieten na de training een verbetering zin in aandacht, blijdschap, bewustzijn en een vermindering van psychopathologie.

Verminderen lichaamsgewicht
De onderzoekers Tapper, Shaw, ILsley, Hill, Bond & Moore (2009) onderzochten de effectiviteit vanmindfulness gericht op het verminderen van lichaamsgewicht. Zij gebruikten een gerandomiseerd onderzoek met een controle groep, waarin de deelnemers het huidige dieet voortzetten. Actief deelnemende participanten van de mindfulnessgroep waren lichamelijk meer actief en hadden een grotere afname in gewicht in vergelijking met de controlegroep.

Slaapproblemen
N.Y.Winbush, C.R.Gross & M.J.Kreitzer (2007) stelden een overzichtstudie op over het effect van mindfulness op slaapproblemen. Zij concludeerden dat er bewijs is om te suggereren dat het praktiseren van mindfulness leidt tot verbeterde slaap en dat bij deelnemers van een mindfulnesstherapie een vermindering is waar te nemen van slaapverstorende processen (zoals piekeren).

Aandacht en concentratie
Het onderzoek van Valentine en Sweet (1999) liet zien dat mindfulness mediterenden significant beter presteerden bij concentratie testen. Verder toonden Jha, Krompinger en Baime (2007) aan dat mensen na een mindfulnesstherapie beter hun aandacht konden richten op het huidige moment. De onderzoekers Tang, Ma, Wang, Fan, Feng, Lu Q. (2007) vonden dat de mindfulness beoefenaars significant beter presteerden in de uitvoerende aandachtstaken in vergelijking met een controlegroep die ontspanningstraining kreeg.

Immuunfuncties
De onderzoekers Davidson, Kabat-Zinn, Schumacher, Rosenkranz, Muller, & Santorelli (2003) voerden een gerandomiseerd onderzoek uit naar de effecten van mindfulness op het immuunsysteem. Na de mindfulnesstherapie werden alle deelnemers geïnjecteerd met een griepvaccin om de effecten van mindfulness op het immuunsysteem te onderzoeken. Een verbeterd functioneren van het immuunsysteem werd gevonden in de mindfulnessgroep in vergelijking tot de controlegroep.

Psoriasis
Kabat-Zinn en collega's (1998-2003) voerden een gerandomiseerd onderzoek uit naar het effect van mindfulness bij mensen met psoriasis. Zij vonden significante effecten bij de deelnemers in de mindfulnessgroep in vergelijking met de deelnemers van de controlegroep. De huid van de deelnemers in de mindfulnessgreop herstelde sneller. Verder hadden deze deelnemers minder last van stress en een hoger welbevinden.

Angststoornis
Het onderzoek van Roemer, Orsillo & Salters-Pedneault (2008) toonden aan dat mensen met een gegeneraliseerde angststoornis een vermindering in angstklachten laten zien na afloop van een mindfulnesstherapie. Tevens namen de depressieve klachten van deze mensen af. Na negen maanden waren de behaalde resultaten nog steeds aanwezig. Het verschil van de effecten ten opzichte van de controlegroep was groot.

Depressie
Onderzoek zonder controlegroep naar de effecten van mindfulness bij mensen met depressieve klachten toonde een afname in angst en depressieve klachten (Kenny en Williams, 2007; Finuncane en Mercer, 2006). Teasdale en collega's (2000) vergeleken een mindfulness behandeling met reguliere zorg. Zij vonden grotere effecten bij de mindfulness behandeling bij mensen die vaker dan twee keer een klinische depressie hadden gehad in het verleden.

Neurofysiologie en hersenactiviteit
Ivanovski en Malhi (2007) stelden een overzichtsstudie op over inzichtmeditatie, mindfulness en neurofysiologische effecten. Neurologische effecten kunnen worden gemeten met elektro-encefalografie en functionele magnetische resonantie (fMRI) beelden. Een belangrijk onderzoek uit de overzichtsstudie is het onderzoek van Dunn en collega's (1999). Zij ontdekten dat mindfulness zorgde voor onder andere meer theta, alpha en gamma activiteit in de hersenen. De theta activiteit hing sterk samen met ervaring in meditatie. Deze bevindingen wijzen op verhoogde aandacht, alertheid en cognitieve activiteit (taken, werkgeheugen) na het praktiseren van mindfulness. Davidson en collega's (2003) voerden een gerandomiseerd onderzoek uit naar de effecten van mindfulness op hersenactiviteit. Na afloop van de 8-weekse mindfulness constateerde Davidson een grotere activiteit in de voorste linkerhersendelen, hetgeen wordt geassocieerd met emotiegerelateerde hersenactiviteit. 

* Rachel van der meulen, Universiteit van Amsterdam

** Rob Brandsma, centrum voor Mindfulness Amsterdam. 

Het gehele onderzoek is te lezen op www.aandachttraining.info